PMT studenten helpen cliënten met veranderen beweeggedrag

‘Wij halen door middel van bewegen bij de cliënt gedrag naar boven waar hij of zij in het dagelijks leven mee worstelt. We bieden alternatieven aan met bewegingsmethodieken. Als je beweegt dan kun je een probleem niet uit de weg gaan. Het wordt zichtbaar. Omdat je bezig bent met de sport heb je namelijk geen tijd om na te denken en te reageren. Daar spelen wij op in. Psychomotorische Therapie is verkennen, herkennen en erkennen.’ Dat zeggen Sander Smid en Lisa Benjamins, derdejaars studenten Psychomotorische Therapie en Bewegingsagogie van Hogeschool Windesheim. Ze lopen stage bij de Kleimos in Stadshagen; een van de Zwolse locaties van RIBW Overijssel.

‘Wij spelen in op de klachten die het lichaam aangeeft. Denk aan lichamelijke spanningen, lichaamstaal en houding, de manier van bewegen, ademhaling en lichaamsbeleving. Psychomotorische Therapie is verkennen, herkennen en erkennen binnen het Lichamelijke, Emotionele, Cognitieve en of Sociale vlak, ook wel LECS genoemd.’

Grenzen

Psychomotorische therapie (PMT) is een manier voor de cliënt om zijn of haar grenzen aan te geven. Sander doet met Thom krachtoefeningen, fitness en ze gaan samen boksen. Sander vertelt ‘Hij geeft zijn grenzen te laat aan waardoor zijn spanning oploopt. Dat wordt dan zichtbaar door te kijken naar het lichamelijke en emotionele aspect. Krijgt hij een rode kleur, begint hij te zweten of wordt hij emotioneel? Om dit gedrag naar boven te halen vertel ik Thom dat we drie ronden van een minuut gaan boksen. De eerste twee ronden geef ik het signaal om te stoppen.

Ronde drie zeg ik niets en wacht tot Thom het zelf aangeeft of dat hij doorgaat tot hij uitgeput is. Ik vraag wat ik kan doen om het te verhelpen. ‘Ik moet mijn grens aangeven,’ zegt Thom. ‘Door deze oefening maak ik Thom bewust van zijn gedrag. Door hem zelf te vragen wat hij de volgende keer zou kunnen doen is Thom zelf al bezig met bewustwording.’

Waardevol

‘Soms vindt een cliënt het niet fijn om alleen naar een sportschool te gaan en onder de mensen te zijn. Dan is mijn aanwezigheid al voldoende. Iemand heeft net dat steuntje in de rug nodig om zelf dingen te ondernemen en uit zijn comfort zone te komen,’ aldus Sander. ‘Mensen willen graag bewegen en naar buiten gaan. Wandelen of basketballen. Er komt altijd iets naar boven.

Alles is waardevol,’’ voegt Lisa toe. ‘Ik wandel bijvoorbeeld met een cliënt. Hij vindt dat fijn en het geeft hem een positief gevoel.’ Samen met een andere cliënt speelt Sander gitaar. ‘Dan doen we ademhalingstechnieken op het ritme dat hij speelt. Dat helpt hem om meer in het hier en nu te komen en zijn ademhaling natuurlijk te laten verlopen.’

Creatief

‘We hebben hier weinig materiaal. We moeten van niets iets maken en creatief zijn. Als ik een cliënt ondersteun, leer ik om een doelgericht plan te maken. Soms is het even zoeken welke behandeling ik kan toepassen en of speel ik in op het gedrag dat iemand laat zien. Af en toe is dat lastig. Door het vaker te doen krijg ik meer ervaring,’ besluit Sander.

De studenten helpen wekelijks ieder vier cliënten met het veranderen van hun (beweeg)gedrag. Met deze mogelijkheid biedt het team cliënten een extra arrangement van ongeveer een uur. De therapie wordt breed ingezet door RIBW Overijssel. Meerdere teams in Zwolle maken momenteel gebruik van deze mogelijkheid. ‘Ik vind sport lekker. Sander motiveert mij door te zetten. Dan zie ik dat ik dingen bereik, die ik zelf niet zou oppakken,’ aldus Thom over de therapie.

Zelfvertrouwen

‘We gebruiken Psychomotorische Therapie al een tijdje als interventie. De één vindt het moeilijk om uit zichzelf de deur uit te gaan om te sporten of bewegen,’ vertelt Dianne van Zuuk, persoonlijk begeleider bij de Kleimos. ‘Een ander wil onderzoeken welke sport hij leuk vindt of wil meer zelfvertrouwen krijgen. Dan is PMT een uitkomst. De student kan dit doel met de cliënt oppakken.

De student ziet een bepaalde reactie als hij bijvoorbeeld vraagt aan de cliënt om de bal vijf keer in het doel te schieten. Voordat de cliënt begint zegt zij al: ‘Dat lukt mij niet.’ Waarom zegt zij dat? Of zegt ze dat altijd?’

Toevoeging

Voor de begeleiders zijn de studenten een positieve toevoeging. ‘Ze komen wekelijks naar de locatie toe en nemen de cliënt mee de deur uit. De cliënt heeft ja gezegd. Dan moet hij zich daar aan houden,’ zegt Dianne.

‘We krijgen na afloop een terugkoppeling van de studenten zodat we hiermee in de begeleiding verder kunnen. Daarnaast hebben de begeleiders vaak geen tijd voor dit soort extra contactmomenten.’ Dianne noemt tot slot nog een pluspunt. ‘Onze locatie ondersteunt jong volwassenen. De studenten zijn vaak van dezelfde leeftijd. Dat werkt.’